Maria, poort van Gods genade


t.: De Hoeksteen / m.: Stan Van Vaerenbergh

De tekstdichters (A. Boone, F. Cromphout en L. de Hovre), drie Jezuïeten hebben onder de naam 'De Hoeksteen' getekend voor deze rijke tekst.
De inhoud van de eerste strofe is een (onbewuste) vertaling van de gregoriaanse Maria-introïtus voor 1 januari, octaafdag van Kerstmis: Salve sancte Parens: 'Wees gegroet, heilige Moeder. Uit u is een Kind geboren dat Koning is van hemel en aarde tot in alle eeuwigheid'. Op een fijnzinnige en poëtische manier verwijzen de verschillende strofen naar beelden (poort van Gods genade, zetel der wijheid), titels (dienstmaagd des Heren, moeder van genade), schriftteksten en -plaatsen: Gij, dienstmaagd des Heren, weesgegroet (boodschap); u prijzen alle volken groot (Magnificat); gezegend zijt gij onder de vrouwen (bezoek); gezegend die Gods woord hebt geloofd (zie Lucas 8,21 en 11,28). De vierde strofe is de strofe van het hoogfeest bij uitstek: Maria Tenhemelopneming op 15 augustus: 'O Vrouw, in glorie opgenomen'.
Bemerk tevens in de vierde strofe hoe Maria wordt gevraagd te bidden opdat wij zouden groeien in Christus de Heer. (Ignace Thevelein)

   
Terug naar overzicht